
Arbeidsrecht & overeenkomst van opdracht
Werken in de culturele sector betekent vaak schakelen tussen verschillende contractvormen: van loondienst en cao’s tot freelance opdrachten. Het is daarom belangrijk om te weten welke regels gelden voor jouw situatie. Het arbeidsrecht vormt (samen met de arbeidsovereenkomst) de juridische basis van de relatie tussen werkgever en werknemer. De overeenkomst van opdracht en het contractenrecht regelen de voorwaarden van samenwerkingen met freelancers. In dit artikel lees je wat ze inhouden, welke actuele ontwikkelingen relevant zijn, en hoe je zorgt voor goede afspraken – of je nu zzp’er bent of in loondienst werkt.
Arbeidsrecht
Het arbeidsrecht regelt de verhouding tussen werkgever en werknemer: afspraken over loon, arbeidstijd, veiligheid, ontslag en verlof. Voor de culturele sector is dit extra relevant, omdat er veel gewerkt wordt met tijdelijke contracten, projectbanen en hybride vormen van werk.
Anno nu ligt de nadruk steeds meer op bescherming van flexwerkers en zzp’ers. De overheid scherpt de regels aan om schijnzelfstandigheid tegen te gaan, wat ook in de cultuursector merkbaar is. Ook in Gelderland werken veel kunstenaars en technici projectmatig, waardoor zij sneller te maken krijgen met vragen rond cao’s, minimumtarieven en arbeidsvoorwaarden.
Overeenkomst van opdracht
Als je samenwerkt met een freelancer of zzp’er aan een project, is het verstandig om de afspraken duidelijk vast te leggen in een overeenkomst van opdracht. In zo’n overeenkomst leg je vast wat de werkzaamheden precies inhouden, hoe lang de samenwerking duurt, welke tarieven gelden, wie waarvoor verantwoordelijk is en wat er gebeurt als de opdracht tussentijds wordt stopgezet.
Schijnzelfstandigheid
De grens tussen werken in opdracht en werken in loondienst is in de culturele sector soms dun. Wanneer een zzp’er structureel werkt onder leiding en toezicht van een organisatie, kan sprake zijn van schijnzelfstandigheid. Dat betekent dat iemand juridisch gezien eigenlijk werknemer is, met bijbehorende rechten en plichten, ook al is er een opdrachtovereenkomst gesloten.
Om dit te voorkomen, is het belangrijk dat de samenwerking duidelijk wordt vastgelegd en dat de zelfstandige daadwerkelijk eigen zeggenschap heeft over werktijden, tarieven en de uitvoering van het werk. De overheid scherpt deze regels de komende jaren verder aan, met als doel om de positie van zzp’ers te beschermen en misbruik te voorkomen. Lees er hier meer over.
Auteursrecht
Auteursrecht van opdrachtnemers
Bij werken die in opdracht worden gemaakt, zoals bij zzp’ers en freelancers, blijft de maker in principe zelf de rechthebbende op het werk. De opdrachtgever mag het werk pas gebruiken als daar afspraken over zijn gemaakt. Alleen wanneer de rechten schriftelijk worden overgedragen – vastgelegd in een akte van overdracht – gaat het auteursrecht over naar de opdrachtgever.
Een alternatief is het verlenen van een licentie: de maker behoudt dan de rechten, maar geeft toestemming voor specifiek gebruik, bijvoorbeeld voor één productie of publicatie. Het auteurscontractenrecht waarborgt dat makers daarbij recht hebben op een billijke vergoeding, en in sommige gevallen ook op een aanvullende vergoeding als hun werk later op nieuwe manieren wordt geëxploiteerd, zoals via streaming of digitale distributie.
Auteursrecht van werkgevers
Een belangrijk aspect is het auteursrecht: wie is eigenaar van het werk dat je maakt? Dat hangt af van de situatie waarin het werk tot stand komt. Wanneer je in loondienst een auteursrechtelijk beschermd werk maakt als onderdeel van je functie, geldt volgens de Auteurswet dat het auteursrecht automatisch bij de werkgever ligt. De werkgever wordt in dat geval beschouwd als de maker van het werk, ook al is het feitelijk door de werknemer gecreëerd. Dat betekent dat de werkgever mag bepalen hoe het werk wordt gebruikt binnen het kader van de functie. Bij werken in opdracht is dit anders: dan blijft de maker zelf rechthebbende, tenzij de rechten expliciet schriftelijk zijn overgedragen.
Alles op een rijtje
Er zijn dus verschillende soorten samenwerkingscontracten die je als werkende in de cultuursector kunt tegenkomen. Wat is het verschil?
- Arbeidsovereenkomst (loondienst): je bent werknemer, ontvangt salaris, valt onder een cao, bouwt mogelijk pensioen op en hebt recht op verlof en ontslagbescherming.
- Overeenkomst van opdracht (zzp): je voert zelfstandig werkzaamheden uit tegen betaling, zonder loondienstverband. Je regelt zelf belastingen, verzekeringen en pensioen.
- Auteurs- of licentieovereenkomst: legt vast hoe creatief werk mag worden gebruikt, verspreid of geëxploiteerd en wie de rechten behoudt.
Voor zzp’ers is het extra belangrijk om afspraken over auteursrechten, de betalingstermijn en nog veel meer, duidelijk vast te leggen. Anders dan bij een dienstverband is er bij werk in opdracht geen sprake van loondienst en zijn cao’s of arbeidsrechtelijke bepalingen dus niet van toepassing. Alle afspraken moeten daarom expliciet worden vastgelegd in de overeenkomst zelf.
💡 Tip: Gebruik altijd betrouwbare modelovereenkomsten of laat iemand met juridische kennis meekijken. Een standaardcontract is zelden voldoende om alle afspraken goed vast te leggen. En heb je als zzp’er ook al nagedacht over je algemene voorwaarden? Die geven je extra zekerheid en zorgen ervoor dat je opdrachten aan kunt gaan onder jouw eigen voorwaarden. Let er wel op dat je deze ook van toepassing verklaart in je offerte!